maandag 21 september 2009

WERKCOLLEGE WEEK 2

Het werkcollege begon met het bespreken van opvallend nieuws binnen het vlak van Nieuwe Media. Het was fijn dat er een open gesprek mogelijk was over uiteenlopende onderwerpen. Wat ik vooral erg opvallend vond is dat twee nieuws items die we tijdens dit werkcollege hadden besproken terug kwamen in het gastcollege van Tim Kuik van stichting Brein. Het eerste item ging over de in Frankrijk goedgekeurde wet die het mogelijk maakt internetgebruikers af te sluiten die zich schuldig maken aan illegaal downloaden. Het tweede item ging over het nieuwe boek van Dan Brown die op grote schaal illegaal wordt gedownload als pdf bestand. Wel logisch natuurlijk ook dat dit besproken kon worden tijdens het gastcollege omdat deze ging over auteursrecht en piracy. In het werkcollege zagen we dit nieuws vooral vanuit de kant van de gebruiker, tijdens ons gastcollege werd er vooral gedacht aan de rechthebbenden van het auteursrecht. Hier ga ik tijdens de bespreking van het gastcollege van Tim Kuik nog verder inhoudelijk op in.

Na deze ronde hebben we onze één-op-één debatten gevoerd. Samen met Rianne Nijburg hadden we voor de stelling 'Serious games moeten zich alleen richten op de inhoud' gekozen. Ik was voor deze stelling. Lastig vond ik het om goede argumenten te vinden ook omdat er niet echt onderzoeken of cijfers te vinden waren die specifiek over deze stelling gingen. Wel waren er onderzoeken te vinden waar een serious game zich aan moest voldoen qua content en context. Helaas kon ik deze onderzoeken niet gebruiken om argumenten uit te halen. Ik had één redelijke goede bron gevonden deze was van het Ministerie van Economische Zaken. Hier wordt op het einde van het onderzoek een soortgelijk onderwerp als onze stelling behandeld maar helaas waren dat uitkomsten van een discussie en niet van echt onderbouwt onderzoek. Tijdens het één-op-één debatteren hadden we ook een voorzitter. Ik begon met het poneren van de stelling en het toelichten daarvan. Ik merkte al snel dat 3 minuten voor de enkele argumenten die ik had erg veel was. Achteraf had ik beter gebruik moeten maken van het geven van achtergrond informatie. Ons debat kwam niet echt tot een debat, we deden beiden ons zegje maar vielen de ander niet inhoudelijk aan. Tijdens het luisteren naar haar argumenten dacht ik daar moet ik op terug komen maar als het dan weer mijn beurt was was ik weer vergeten waar ik op terug moest komen. Tijdens het lezen van de grondregels (die uitgedeeld werden tijdens het werkcollege) las ik hierover een goede tip, aantekeningen maken van de argumenten die de ander naar voren brengt. Misschien had onze voorzitter ook een iets duidelijker rol kunnen spelen in dit debat door eerder in te grijpen en vragen te stellen over de argumenten waarop wij vast liepen qua redenering. Verder moet ik toegeven dat ik het lastig vind om voor een stelling te zijn als ik er persoonlijk eigenlijk tegen ben. Hier moet ik goed in de gaten houden dat het debat ook een soort spel is waarbij het vooral gaat om het vinden van goede argumenten en deze overtuigend weten over te brengen tijdens het debat. Ook is het inspelen op, of weerleggen van de argumenten van de tegenpartij erg belangrijk om een debat te kunnen 'winnen'.

Na deze één-op-één debatten was het tijd voor het wekelijkse groeps debat. Met deze week als stelling: "In de komende tien jaar zullen virtuele games een belangrijke rol gaan spelen in het onderwijs." Juliët en Rutger waren tegen, Jaime en Snezana waren voor en Kevin was de voorzitter van dit debat. Kevin gaf als voorzitter een goede inleiding al deed het me wel een beetje denken aan een tv show, dit waarschijnlijk door zijn woordkeuze. Verder was het een erg beleefd debat, iedereen liet elkaar uitpraten, bleef rustig zitten op zijn stoel, en gebruikte goede argumenten. Misschien was het debat zelfs een beetje te beleefd ik mistte de dynamiek en energie. Ik zag dit wel terug bij Juliët toen zij aangaf dat er teveel afgeweken werd van de stelling door de andere partij. Eigenlijk was dit de taak van de voorzitter. Deze had naar mijn mening best vaker mogen ingrijpen en zijn autoriteit mogen laten gelden. Verder vond ik het goed dat ze echt inhoudelijk op elkaars argumenten ingingen en dat er vragen werden gesteld aan de andere partij. Helaas was er tijdens het werkcollege niet veel tijd meer om dit debat uitvoerig na te bespreken. Ik denk wel dat ik er de dingen heb uitgehaald die voor mij leerzaam zijn en deze kan ik weer meenemen in mijn eigen debat.


Literatuur
Ministerie van Economische Zaken. Serious Games, sectoroverstijgende technologie- en marktverkenning. 9 oktober 2007. 20 september 2009 <http://www.ez.nl/Actueel/Onderzoeken/Onderzoeken_2007/Serious_Games_sectoroverstijgende_technologie_en_marktverkenning>.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten