maandag 2 november 2009

INDIVIDUEEL DEBATVERSLAG - PRIVACY EN SURVEILLANCE

Tijdens het gastcollege van Ot van Daalen werden we al geprikkeld om na te denken over het thema privacy en surveillance. Ook al vertelde Van Daalen het vooral vanuit één gezichtspunt, dat voor het behouden van de privacy in de online wereld, toch konden we ons een goed beeld vormen van wat er nu speelt op dit gebied. Deze week was het aan onze groep om het debat voor te bereiden. Aangezien wij de laatste debat groep van deze cursus waren hadden wel al veel kunnen 'afkijken' van de vorige debat groepen. Doordat we wisten waar de valkuilen zouden kunnen liggen hebben we lang gediscussieerd over onze eigen stelling. Uiteindelijk is de stelling geworden: “Het digitaal opslaan van persoonsgegevens ten behoeve van veiligheid is wenselijk." Eigenlijk had iedereen de voorkeur om de stelling aan te vallen in plaats van te verdedigen, en moest er worden geloot. Verder hebben we de keuze gemaakt om Gerrie en Mirjam uit elkaar te halen omdat zij toch een natuurlijk overwicht hebben in een debat. Dit leek mij beter voor de balans van het debat. Aangezien ik als persoon minder aanwezig ben moet ik het vooral hebben van een goede inhoudelijke voorbereiding in plaats van de vorm. Samen met Gerrie was ik tegen de stelling, Ineke en Mirjam waren voor de stelling en Rianne was onze voorzitster.

De dag voor het 'echte' debat hebben we een soort proef debat gevoerd. Hierin hebben we onze argumenten en bronnen aan elkaar kenbaar gemaakt. Dit met als doel dat we tijdens het 'echte' debat goed inhoudelijk op elkaar konden ingaan en niet vast kwamen te zitten in een cirkel redenering. Voor mij werkte deze aanpak goed, hierdoor kon ik alles op een rij zetten en begon ik met een goed gevoel aan het 'echte' debat.

In het begin hadden wij alle vijf een voorkeur om tegen de stelling te zijn maar naarmate we ons meer gingen verdiepen in dit thema werd onze stellingname wel iets genuanceerder. Om de rest van onze werkgroep ook te betrekken bij ons debat hadden we bedacht dat we voor de aanvang van het debat zouden vragen wie er voor was en wie tegen. Eigenlijk gaf er maar één iemand aan dat hij voor was, mits de beveiliging van het systeem gegarandeerd zou zijn. Dit was precies zoals we verwacht hadden. Helaas was aan het einde nog steeds maar één iemand voor de stelling en ging het niet zoals wij verwacht hadden. Wij hadden verwacht dat onze voorpartij argumenten zou aanhalen waardoor er meer mensen van onze werkgroep (gedeeltelijk) voor de stelling zouden zijn. Hierdoor werkte ons idee van het betrekken van het publiek niet zo goed als we gehoopt hadden.

Rianne poneerde als voorzitster de stelling en lichtte deze verder toe. Ze heeft gedefinieerd wat wij verstaan onder de begrippen persoonsgegevens en veiligheid. Bij deze stelling gaat het ook om het centraal opslaan van de persoonsgegevens en niet om het decentraal opslaan. Wij als tegen partij kregen het eerst het woord, Gerrie begon met het toelichten van ons standpunt. Ons belangrijkste argument was die van de ethiek. Ethiek gaat verder dan wetgeving, maar ethiek bindt formeel niet en wetgeving wel. Niet alles wat ongepast of onfatsoenlijk, dus onethisch is, is onrechtmatig. Verder hadden wij nog een een aantal goede cijfers uit onderzoeken gevonden die onze argumenten kracht bij konden zetten. Bijvoorbeeld een onderzoek in opdracht van het Bundesverfassungsgericht waaruit blijkt dat 52% van de Duitsers zich niet vrij voelen om alles over de telefoon te bespreken (Vorratsdatenspeicherung 3). (ANDERE 86%)
Wel kregen we van Asher als feedback dat we goed gebruik hadden gemaakt van bronnen maar dat het soms net iets verder had kunnen gaan dan alleen de procentuele getallen. Het zou goed zijn geweest als we dat niveau hadden kunnen overstijgen. Ik denk dat wij allang blij waren dat we onderzoeken hadden gevonden met duidelijke cijfers die onze argumenten kracht konden bijzetten.

Naar mijn mening verliep ons debat goed, we bleven rustig, lieten elkaar uitpraten en gingen in op elkaars argumenten. Gaandeweg het debat werd wel duidelijk dat wij als tegen partij meer inhoudelijke argumenten hadden en moest de voor partij het vooral hebben van hun retoriek. Mirjam droeg een aantal voorbeelden aan waardoor ze probeerde op het gevoel in te spelen van het publiek. Helaas konden deze voorbeelden niet inhoudelijk onderbouwt worden en waren ze voor ons 'makkelijk' om aan te vallen. Uiteindelijk bleek ook wel uit ons debat dat privacy en veiligheid nooit volledig met elkaar te verenigen zijn. Er moet een goede balans gevonden worden tussen deze twee onderdelen. Wel vond ik het lastig om de kritieken van onze werkgroep over ons debat te plaatsen. Het waren voor mijn gevoel vrijwel allemaal opmerkingen over wat beter had gekund terwijl ons debat voor mijn gevoel best goed was gegaan. Uiteindelijk bleek uit het cijfer ook dat we het helemaal niet slecht hadden gedaan als groep.

Zelf heb ik een tijd geleden al bezwaar gemaakt tegen het Elektronisch Patiënten Dossier. Ik was me al wel bewust van de mogelijkheid van privacy aantasting. Toch was ik verrast toen Van Daalen de aantallen aangaf van databases waarin je vermeld staat. Ook al ben je voor een deel zelf verantwoordelijk dat je in deze databases staat (denk aan boeken kopen via bol of een lamp via marktplaats) dan nog blijven er genoeg databases over waarin je ongevraagd opgenomen bent. Dit hele debat proces heeft bij mij gezorgd voor een grotere bewustwording omtrent dit thema. Aangezien ik aan de ene kant het internet nodig heb om mezelf te profileren als Grafisch Ontwerper dien ik aan de andere kant ook voorzichtig te zijn met mijn persoonlijke gegevens.


Literatuur
“Meinungen der Bundesburger zur Vorratsdatenspeicherung.” Vorratsdatenspeicherung. Forsa. 2008. 24 oktober 2009  <http://www.vorratsdatenspeicherung.de/images/forsa_2008-06-03.pdf>.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten